Kinderen die problemen ervaren zijn vaak niet in staat een hulpvraag te formuleren. Vaak zijn ze samen met hun ouder(s) en/of leerkracht wél in staat om hun klachten te benoemen:

-Ik heb vaak buikpijn als ik naar school moet

-Ik kan moeilijk vriendjes maken

-De juf/meester zegt dat ik me er niets van aan moet trekken

-Ik kan en/of begrijp die spelletjes niet goed

-Ik ben te druk in de klas en de juf/meester is vaak boos op mij

-Ik maak vaak ruzie maar dat is niet mijn bedoeling of schuld

-Ik wil het graag zeggen maar durf niet

-Iedereen is tegen mij

-De juf/meester ziet mij tóch niet

Om tot een goed behandelplan te komen zal de therapeut altijd een deskundige analyse moeten maken van de oorzaak en van de omgevingsfactoren die dit in stand houden.

Ook kijkt de therapeut naar het functioneringsniveau, de aard van de problematiek en de eventuele aanwezigheid van een diagnose zoals bijvoorbeeld ASS en AD(H)D.